kringloop

img_0299

Daar lig je dan. Voor 85 kroner. En die betalen ze niet eens voor jou. Die betalen ze voor het lijstje. Jij en je, zorgvuldig door oma uitgeknipte en bijgeplakte, neefjes en nichtjes verdwijnen zo de prullenbak in. Waarom heeft niemand jullie meegenomen? Ooit gekoesterd maar nu hier in een bak met honderden anderen. Dat is dan de kringloop van het leven. Je zal ondertussen ook wel bijna 40 zijn. Toch word ik er altijd weer een beetje treurig van.

We hebben kip

il_340x270-555681122_otm7

Deze woorden wil ik graag nomineren voor de ‘meest lullige en hartverwarmende woorden van de week’- award.

‘We hebben kip’. Het lag eigenlijk meer aan het moment dan aan de woorden zelf. Ze werden uitgesproken door een moeder die na 23 jaar haar door papa gekaapte tweejarige peuter terugzag.

In het programma ‘The Locator’ (spreek uit met een hijgerig, senatiebelust, vet amerikaans accent zoals je ‘The Terminator’ zou zeggen) wordt een iets te dikke Amerikaan met hele brede schoudervullingen op missie gestuurd om een verloren familielid terug te vinden. De missie wordt aan de Locator voorgelegd door zijn ‘team’, geleid door de moeder van de Locator. Basiskamp is de keukentafel. Na het bespreken van de deugden van de zoekenden ‘they really deserve this’ én de moeilijkheidsgraad ‘this ain’t gonna be easy’ trekt de Locator zijn mond in een vastberaden trek en gaat op pad. Eén keer moest hij zelfs met het vliegtuig. Dat was me wat. Het shot van de Locator die peinzend uit een vliegtuigraampje staart was echt bijzonder dus dat is snel in iedere aflevering gemonteerd.

Dus die moeder en broer en zus, ze zijn kleine Mikey nooit vergeten in zijn blauwe jasje, zitten nietsvermoedend op een familiefeestje als de Locator verslag komt uitbrengen. Broertje zit 4 meter verderop in de auto te wachten maar dat weten ze niet. Dah. Het emotionele weerzien krijgt nog een laatste voorzet doordat de Locator suggereert dat broertje dood is (I’ve told you, sometimes the outcome is not what you’d expected or had hoped for. I’d like you to take a look at this paperwork….). Grapje tuurlijk, er zit een foto van broertje in de envelop. Geen blauw jasje nu, maar een lekkere stoere redneck met leren baseballcap en tattoos. Hij lijkt op jou! En dan de verlossende woorden ‘Hij is hier’. Een innige omhelzing volgt, tranen, de belofte hem nooit meer te laten gaan, alles zo mooi. En dan, bij het betreden van het huis: ‘Come, come in…we have chicken’.

We hebben kip, all is well.

zomerbuitje

4579300196629829Vooropgesteld: Ik ben een docent en heb dus 6 weken zomervakantie. Tegelijk met mijn gezonde kindjes die blij ronddarren in tuin, zwembad en zandbak. Dit alles rondom mijn vrijstaande huis in idyllisch dorp met genoeg geld op de spaarrekening. Ik klaag dus niet. Hier komt het.

Ik heb een zomerdepressie. Ondanks mijn schema voor deze zomer, een blokje voor iedere week in fineliner, is er geen houden aan. De afgrijselijke zee van tijd en ruimte maakt dat ik me verloren voel. Zonder de structuur van werkdagen weet ik niet wat ik moet doen. Inhalen wat bleef liggen? Mogen boeken zijn, recepten, klusjes in huis, het opruimen van mijn virtuele bureaublad, eigenlijk alles waar je niet aan toe bent gekomen tot NU. Lichte paniek, ocd activated. Combineer dat met het Grote Genieten wat ogenblikkelijk bij aanvang van de zomervakantie dient te beginnen en de ramp is compleet. Moet ik nu ineens op een handdoek in de tuin gaan liggen? Dat is nog steeds dezelfde tuin. Of meedoen aan de jaarlijkse volksverhuizing richting Frankrijk omdat genieten blijkbaar elders dient te gebeuren? Het monotone ritme van broodjes smeren, ranja maken en weer opruimen tot de volgende ronde levert geen vrije tijd op maar precies genoeg ruimte om de meest existentiële twijfels over het leven, God, mijn werk, zelfverwezenlijking en dat soort zaken de vrije loop te laten. Ik heb gelijk nergens meer zin in. De onnozelheid van alles openbaart zich op monsterlijke wijze in de zomer. Terwijl het nog zo leuk leek toen ik aan het werk was. In Afrika wordt op sommige plekken de dag voornamelijk doorgebracht met wachten op de volgende dag, las ik. Dat ga ik ook oefenen. Vanmorgen ben ik alvast een afspraak bij de tandarts vergeten. Er is hoop.

input

Te druk is het nieuwe dom. Las ik. Niet cool dus, elke avond overwerken. Waar het antwoord ‘druk, druk, druk’ op de vraag hoe het gaat eerst nog een signaal van succes was, is het nu gewoon sneu. Langzaam maar zeker is terug. En ook zijn we klaar met de eindeloze keuzemogelijkheden. De niet aflatende stroom Netflixjes, de stapel suggesties van Spotify en die bijlage met alle boeken en films die gelezen en gezien moeten, mag worden genegeerd.

Nu kan ik daarom wel toegeven dat ik gedij bij beperking . Op muziekgebied bijvoorbeeld. Mijn gemiddelde is één nieuw album per 2 jaar. In 2013 draaide ik enkel Woven Hand en vorig jaar was het ‘Hylas’ van Thomas Azier-jaar. Dit jaar is het het album ‘In the silence’ van de ijslandse Asgeir. In eerste instantie moet ik overwonnen worden. ‘Wat is dit? Weer zo’n melancholieke Bon Iver-adept? Rot op’. Dan haakt het onverwacht toch ergens in en vervolgens bestaat er geen ander meer. Mijn trouw aan zo’n plaat is totaal en onvoorwaardelijk.  Ik verweef mijzelf er volledig mee en draai het overal, altijd en heel hard.

Ik ben mijn tijd vooruit, dat blijkt wel weer.

toekomstige tijd

Echt waar. Onderstaand gesprek had ik met zoon van 7 jaar tijdens de lunch:

‘Oma zeg dat energydrink gezond is’

‘Dan heeft oma geen gelijk’

‘Maar als je ouder bent weet je wel meer’

‘Niet altijd’

-stilte-

‘Weet je wel, Thomas, die zo sterk is en zo hard kan rennen?’

‘Hm hm’

‘Nou, die had laatst bijna al z’n sommen fout en ik had ze allemaal goed’

‘Tja, mensen zijn in verschillende dingen goed. Je bent misschien slim, of je bent sterk, of je bent creatief, of heel aardig, of je bent lekker gek. Kan allemaal’

‘Ik ben toekomstig’

‘Wat?’

‘Ik ben toekomstig. Want al mijn boeken moeten nog komen. Over Thijs en de dino’s enzo, die ik schrijf. Dat komt allemaal nog’

‘Ok, lieverd’

 

 

lesje leren

Ik heb me aangemeld. Voor een les. Ik heb ook al de nodige lessen gehad, hoor. Lessen differentiëren, filmmontage, yoga, wolvilten, breindenken, van die dingen. Lessen van holistische artsen, van psychotherapeuten, van in lendendoeken gewikkelde masseurs (over die laatste was ik echt heel enthousiast). Maar nu ga ik naar de ‘School of Life’. Deze school bevindt zich overal ter wereld en organiseert lessen over de onderwerpen waar we op de middelbare school niet aan toegekomen zijn ivm aardrijkskunde. Over relaties, over werkstress, over liefde, over grenzen, eigenlijk over al die dingen waar iedereen mee te maken heeft maar waar we nooit instructies bij krijgen. En de les die ik zaterdag ga bijwonen heet ‘rust in je hoofd’.

Want ik weet niet of u het herkent maar mijn werkdagen (ik ben docent) zijn buiten de lessen om totaal chaotisch. Door bijzaken. Die wel 80% van mijn tijd en aandacht opeisen. Cijfers, logboekverslagen, werkstukbegeleiding, mentorgesprekken, loopbaanoriëntatie, een mail van ouders, een collega die vergeten is wat er ook maar weer gebeuren moest, hee, die klas staat op de verkeerde plek in de digitale agenda en nu hebben ze hun huiswerk niet gemaakt dus moet ik de helpdesk bellen, etc, etc. Ik multitask me de pleures en blijf bijgevolg aan de oppervlakte krabbelen zonder ooit de tijd te hebben de diepte in te kunnen gaan.

En dan zou je denken dat ik die staat van zijn ogenblikkelijk loslaat zodra ik thuiskom. En met een breiwerk op de bank zak voor de nodige beschouwelijke luiertijd. Maar nee, ik heb even nageteld in hoeveel boeken ik momenteel aan het lezen ben, ik kom op negen. Gelijktijdig. Die liggen allemaal ergens in huis. Een roman en een boek over seks naast mijn bed. ‘Brieven uit de hel’ op de plee, net als dat boek van Douglas Coupland. Ik heb op mijn werktafel de titel ‘de ondergang van de magische wereld’ over kerkgeschiedenis en magie liggen en op de bank ligt een pil over ‘unconditional parenting’ tegelijk aantrekkelijk en een aanklacht te wezen.

Kortom, tijd voor een lesje. Er is nog plek.

 

supersimpel

Lieve Jools,

Even over dat stukje dat je laatst schreef in het tijdschrift van je hubbie, ‘Jamie Magazine’. Je schreef: ‘ Dit supersimpele ontbijt doe ik in plastic bakjes. De meiden kunnen het dan op weg naar school opeten als we haast hebben of vroeg aan de dag beginnen’.

Nou, dat van die grof geraspte appel samen met melk, havermout, lijnzaad en amandelmelk in een kom doen red ik nog wel. Tenminste, als ik het haasten zo plan dat ik de avond ervoor bedenk dat dat vast in de koelkast moet staan weken. Als de ochtend in kwestie dan is aangebroken (en ik dus haast heb) gaat het doorroeren van het brouwsel nog wel goed. Bij het diagonaal snijden van de banaan word ik al wat narrig dus sla ik die lepel yoghurt (tegen het bruin worden van de banaan) over. Maar tegen de tijd dat de nootjes lijdzaam liggen te wachten om grof gehakt te worden, zoon 2 in zijn broek poept en dat gallige hakmes nog vies in de vaatwasser ligt knapt er bij mij iets. En dan moet ik nog op zoek moet naar die twee handenvol verse vruchten (heb jij die standaard op je aanrecht staan?). Lieve Jools, hoe doe jij dat toch? Heb jij dan ook de juiste dekseltjes voor op die plastic bakjes klaargelegd? Met de lepeltjes? En eten jouw kinderen dat dan? Onderweg naar school? Wat vindt de taxichauffeur daar eigenlijk van?

Liefs José

 

PS: Jullie Family Food Tube vind ik echt leuk.